Maak met elkaar een zwevende stad. Net zoals kunstenaar Marc Chagall, hij hield ook erg van zweven.
In deze lessen leer je vloeiend en verstaanbaar te spreken in allerlei situaties toepasbaar (kring, vieringen, spreekbeurt, enz.)
In lesbrief 1 staat beschreven wat de twee lessen inhouden. Je gaat primaire kleuren mengen en zo een eigen stukje jungle maken, compleet met dieren.
Lesbrief twee geeft inspiratie en de kleurencirkel.
Hoe beweeg je als fiets? Dat zal een makkie zijn. Maar hoe beweeg je als stuur of wiel of fietsbel? Dat en nog veel meer, kun je allemaal lezen in deze lesbrief.
Je maakt de droom van Vosje, een prentenboek van Edward van de Vendel en Marije Tolman.
Hoe zie jij je neus en hoe verbeeld je die? Dat kun je lezen in de lesbrief de neus. Welke weg legt zuurstof af in je lichaam? In de lesbrief over het longsysteem ga je een flipboekje maken. Aan de hand van een giraf het skelet leren en verbeelden in 3D sculpturen. Hoe dat kan lees je in de lesbrief over het skelet.
Bij verkeer en vervoer denk je misschien niet zo snel aan dans. Deze lesbrief laat zien dat dans en verkeer en vervoer hand in hand gaan.
Met z'n allen ontwerp je een lange weg. Ook maakt iedereen een eigen vervoersmiddel waarmee een geheime boodschap wordt getransporteerd. Uiteindelijk verrijst er een hele nieuwe stad.
Van gedicht naar muziekstuk, van schilderij naar gedicht, van gedicht naar theaterscène, van gedicht naar tekening of schilderij. Laat je inspireren door de lesbrief.
Deze les kan een vervolg zijn op Transport. Je maakt een plattegrond met bijbehorende legenda.
Kunstbeschouwing: Wat zie je? Wat betekent dat, denk je? Hoe weet je dat? Enzovoorts.
In het midden ligt een berg schoenen. Trek er één aan. Van wie zou die schoen kunnen zijn? Wat is dat voor persoon? Waar is de schoen overal geweest?
In deze lessen leer en oefen je je stem kunt gebruiken als je in een grote ruimte staat, je tempo van spreken, de dynamiek die je kunt gebruiken aan de hand van een tekst die je uit je hoofd hebt geleerd.
Een lesbrief waarin gedichten over kleur staan en misschien worden ze ook geschreven in deze kleur.
In de klas staat een mand met van alles erin. Elk voorwerp is aanleiding voor een verhaal.
Wat heb je nodig voor een rapbeat? Woorden!
Een energizer gebruik je om de leerlingen op te warmen en ze te laten focussen.
Je maakt een eigen berg met een eigen naam. Je gebruikt karton, verf, crêpe papier en andere materialen.